Door: Mette Vreeken

 

Op 6 februari organiseert WKPA het symposium Democratisch Verlangen. Een van de sprekers is filosoof Joke Hermsen. Na haar succesvolle publicaties als Stil de tijd, Kairos en Melancholie van de Onrust, schreef ze afgelopen jaar Het tij keren. In dit essay zet Hermsen het gedachtegoed van de politieke denkers Rosa Luxemburg en Hannah Arendt uiteen. Het instellen van burgerraden was volgens hen hét middel om politieke betrokkenheid van burgers te vergroten. “Het gaat erom dat mensen echt goed geïnformeerd en geraadpleegd worden.”

In je essay Het Tij Keren schrijf je over Hannah Arendt en Rosa Luxemburg en hun opvattingen over politieke participatie van burgers. Hoe keken deze politieke denkers hier tegenaan?

“Voor deze twee vrouwelijke joodse politieke denkers, met hun verantwoordelijkheidsgevoel en liefde voor de wereld, draaide alles om het zijn van ein guter Mensch. Om in wat je ook nastreeft, een goed menswaardig leven te lijden. Amor sui – zelfzucht en zelfliefde – die de afgelopen decennia onder invloed van het kapitalisme, het neoliberalisme typeerde, wilden zij ombuigen naar liefde voor de wereld.”

 “Een keer in ze zoveel jaar het stembiljet aanvinken, is niet voldoende om de betrokkenheid in de wereld vorm te geven. De parlementaire democratie heeft de neiging een oligarchie te worden, dat wil zeggen: een politieke macht voor klein aantal mensen die onderling voortdurend kissebissen, waar hele bevolking geen zicht op heeft. Die neiging wekt wantrouwen op. Wat doen ze daar in Den Haag, achter mijn rug om? Wat gebeurt er in de achterkamertjes? Dat gevoel van wantrouwen kun je voorkomen door de mensen aan te spreken op hun eigen verantwoordelijkheid en hun eigen vermogen om over kwesties na te denken.”

Hoe zagen Hannah Arendt en Rosa Luxemburg dat voor zich?

“Zij stellen een instrument van de directe democratie voor: de volksraad of de burgerraad. Dit betekent natuurlijk niet dat de parlementaire democratie verdwijnt, maar dat deze wordt aangevuld met adviezen die vanuit de bevolking zelf komen. Dat is dus niet het invullen van een referendum; dit is meer dan wéér dat vakje aankruisen. Het gaat erom dat mensen echt goed geïnformeerd en geraadpleegd worden.”

 “Denk aan het Angelsaksische systeem van de jury. Eens in de zoveel jaar worden burgers gevraagd zitting te nemen in de burgerraad. Ze krijgen een vergoeding, leren andere mensen kennen uit hun postcodegebied en hebben de mogelijkheid om experts uit te nodigen om zich goed te kunnen informeren. Uiteindelijk brengen ze als groep een bindend advies uit aan de regering.” 

Wat is het voordeel van deze burgerraden?

“Dit systeem heeft allerlei voordelen. Zo voelen mensen zich weer betrokken bij het politieke handelen. Je geeft ze het gevoel dat hun mening er weer toe doet, dat ze medeverantwoordelijk zijn. Je voorkomt hiermee dat mensen uit protest op rare partijen gaan stemmen. Doordat burgerraden alle klassen van de samenleving omvatten, leren mensen elkaar weer beter kennen. Vanuit de pluraliteit van die mensen kom je vervolgens tot een weloverwogen advies aan onze politieke bestuurders.”

Zijn deze burgerraden in opkomst?

“Dat denk ik wel. In twaalf Friese gemeenten zijn ze bijvoorbeeld al begonnen met zulke raden. In Vlaanderen heeft schrijver David van Reybrouck een pleidooi voor burgerraden gehouden. Daar was de regering in Oost-België zo enthousiast over, dat ze die burgerraden nu zelf hebben ingevoerd. In Frankrijk zijn 150 gemeenten naar aanleiding van protesten met een soort burgerraad begonnen. Die beslissen nu mee over zaken die hun gemeente aangaan. In Nederland heb je code oranje, die pleiten hier ook sterk voor.”

 “Het meest interessant is dat het advies van dit soort burgerraden op een grotere steun van de bevolking kan rekenen dan de politieke beslissingen die alleen door onze parlementariërs wordt genomen. Als een burgerraad adviseert, dan kunnen meer mensen zich daarin vinden. Neem bijvoorbeeld IJsland: hier is een grondwet geschreven door 80 mensen die zitting namen in een burgerraad. Die grondwet kon rekenen op instemming van 90% van de IJslandse bevolking.”

Ligt hier een taak weggelegd voor de overheid of voor de burgers zelf?

“Beiden zijn mogelijk. We hebben zomaar het referendum geschrapt, terwijl dat de kroonjuwelen waren van een partij die nota bene zelf in de regering zit: D66. Het referendum is geschrapt omdat men bang is voor de populistische stem. Dat begrijp ik – zeker als je kijkt naar het Oekraïne-referendum – maar daarmee is de mogelijkheid tot politieke betrokkenheid verder ingeperkt. Mensen hebben nu nog minder het gevoel dat ze meedoen, waardoor de hang naar extremisme groter wordt.

 Het is de taak van de overheid om te beginnen met het organiseren van zo’n burgerraad door het land. Als experiment! Roep uit elke postcode een aantal mensen op en kijk wat hieruit komt. Veel politieke partijen durven vanwege electorale belangen geen beslissingen te nemen. Dat laffe gedrag voorkom je ook door een burgerraad te laten meebeslissen. Kortom, ik zie alleen maar een win-winsituatie.”

Hoe zorg ervoor dat mensen daadwerkelijk zitting nemen in die burgerraden?

“Door het een burgerplicht te maken, net als in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk. Bijvoorbeeld vanaf je 21ste. We moeten weer wennen aan het idee dat wij burgers zijn en dat daar ook plichten aan verbonden zijn. Een goede voorlichting is daarbij essentieel. Overigens denk ik dat mensen hier ook wel oor naar hebben. Bied ze een paar dagen (betaald) vrij van werk en een vergoeding. Ik denk dat mensen echt kunnen opknappen van zo’n jury.”

Hoe zorg je dat zulke raden inclusief zijn en dat niet een te kleine groep te veel macht krijgt?  

“Een belangrijke voorwaarde van een burgerraad is dat de samenstelling tot stand komt door middel van loting. Dat schrijft Van Reybrouck ook in zijn boek. Door gebruik te maken van loting is zo’n raad per definitie inclusief.”

Politieke kwesties zijn te serieus om alleen aan politici te worden overgelaten,’ meende Hannah Arendt. Hoe zou zij naar lobbyisten kijken?

“Ik denk dat zij lobbyisten zouden zien als een plaag. Politiek handelen is voor Hannah Arendt iets wat je doet op het openbare toneel. Daar gaat het even niet om die privé-sores, maar om het algemeen belang.

 Lobbyisten zaaien verwarring op het openbare toneel, doordat ze daar hun eigen belang inbrengen en verdedigen. Daarmee belemmeren zij de vrijheid van denken. Het zijn eigenlijk sales-mensen! De mate waarin lobbyisten zijn doorgedrongen tot de politieke arena en daar de touwtjes in handen hebben, is daarom bijzonder ernstig. Lobbyisten hebben uiteindelijk een winstoogmerk, een kapitalistisch motief. Maar we willen toch niet dat de politiek wordt gereduceerd tot een economisch argument? In plaats van de amor sui die aan de lobbyistische wereld kleeft, moeten we de samenleving menselijk houden door onze verantwoordelijkheden te nemen en betrokken te blijven.”

Wat is jouw eigen democratisch verlangen?

“Dat we iets doen tegen het parlementarische vermoeidheidssyndroom. Dat acht ik namelijk zeer gevaarlijk. Ik zou graag zien dat we de democratie democratischer maken: dat mensen zich aangesproken, betrokken en verantwoordelijk voelen. Alleen dan zullen we iets veranderen. En dát er iets moet veranderen staat als paal boven water. We zullen het tij moeten keren. Anders hebben we straks geen planeet voor de mensen meer, en is de menselijkheid ook verdwenen.”