In Interview, Nieuws

Door Marije Brinkhorst

Na twee jaar actievoeren, benaderen van Kamerleden en input geven aan ambtenaren bij het Ministerie van Volksgezondheid wordt de roep van kinderverpleegkundige Rini Kleijn eindelijk gehoord: het nieuwe wetsvoorstel BIG II wordt voorlopig in de ijskast gezet. De wet werd op initiatief van de beroepsvereniging V&VN ontworpen en moet onderscheid aanbrengen in de beroepsprofielen van verpleegkundigen. Tot grote onvrede van Kleijn en veel van haar collega’s in heel Nederland, omdat veel ervaren en deskundige verpleegkundigen door de nieuwe wet hun werk niet meer ‘wettelijk bevoegd’ kunnen voortzetten. De weerstand is zo groot dat het bestuur van de beroepsvereniging dinsdag besloot af te treden. WKPA sprak met kinderverpleegkundige Rini Kleijn over hoe zij de achterban samenbracht en waarom dit de beroepsvereniging niet gelukt is. 

Rini, jij startte in 2017 met een petitie om dit te voorkomen. Waarom was die petitie nodig?

‘Ik las een artikel in Nursing (tijdschrift voor verpleegkundigen) over de nieuwe wet en maakte me toen ernstig zorgen over de degradatie. Ik vroeg me af of andere verpleegkundigen daar ook zo over dachten. Toen startte ik de petitie. In twee dagen werd deze tienduizend keer ondertekend. Ik werd benaderd door de commissie die samen met de beroepsvereniging bezig was met de voorbereidingen van de wet en kreeg de kans om tien minuten bij hun aan tafel te mogen zitten. Ik vertelde aan Pauline Meurs, de voorzitter, dat dit onderscheid in functies ten koste ging van de ervaring en kennis van veel verpleegkundigen. Die reageerde verrast dat ‘zij geen idee had hoe het werkte op de werkvloer’, terwijl Meurs al sinds 2012 bezig was met dit thema. De commissie gaf echter geen gehoor aan mijn inbreng.’

De commissie en de beroepsvereniging wisten dus weinig over wat er speelde op de werkvloer en hoe hun achterban er over dacht. Hoe kan dat?

‘Er werden ‘proeftuinen’ van de functiedifferentiatie uitgevoerd. Maar deze vonden enkel plaats op de basis-afdelingen en niet op de specialistische afdelingen. Op de basis-afdelingen is een heel andere groep verpleegkundigen werkzaam dan de meer specialistische groep die daar speciaal voor geschoold is en die juist gekneld wordt door de nieuwe wet. De commissie en de beroepsverenigingen hebben hierin stappen overgeslagen; een groot deel van de beroepsgroep is niet in de voorbereiding meegenomen. Dat er zoveel weerstand volgt op de plannen, is dus niet verrassend’. 

De petitie is inmiddels bijna dertigduizend keer ondertekend. Wat waren de reacties op de petitie?

‘Na de petitie ontdekte ik hoeveel verpleegkundigen door de nieuwe regels geraakt zouden worden. Ik ontving vele brieven van collega-verpleegkundigen, die hun eigen ervaringen deelden. Uit deze brieven blijkt dat veel verpleegkundigen, terwijl de wet nog niet is ingevoerd, al veranderingen merken. Zij gaan achteruit in salaris of mogen bepaalde handelingen niet meer uitvoeren. De ziekenhuizen sorteren dus soms al voor op de wet. Het ministerie van VWS is zich hiervan niet bewust. Doordat zij weinig onderzoek hebben gedaan in het werkveld weten zij dit gewoon niet. Door alle brieven en acties hebben we samen een actiecomité en een stem gevormd tegenover het ministerie en de beroepsvereniging.’

Hoe reageerde de beroepsvereniging op de ophef en de petitie?

De beroepsvereniging ontdekte dat ze haar achterban niet had vertegenwoordigd en nam afstand van de wet.

‘De afgelopen maanden werd het voorstel voor BIG II steeds concreter en de weerstand steeds groter. De beroepsvereniging ontdekte dat ze haar achterban niet had vertegenwoordigd en nam afstand van de wet. Wij waren echter nog steeds ontevreden over het functioneren van V&VN, want zij hebben ons belang niet behartigd bij het ministerie.’

De beroepsvereniging is zich hier inmiddels ook van bewust. Het bestuur van V&VN besloot afgelopen dinsdag af te treden. Hoe moet het nu verder? Wie gaat jullie vertegenwoordigen?

‘Ons actiecomité, die nu goed weet wat er speelt bij de verpleegkundigen, is uitgenodigd door minister Bruins om met de aangestelde ‘verkenner’, Alexander Rinnooy Kan, om de tafel te zitten. Het is fijn dat de achterban eindelijk actief wordt betrokken, maar de wet is nog niet definitief van de baan. Het voorstel moet van tafel en er moet opnieuw geïnventariseerd worden waar het nou echt knelt op de werkvloer of bij de achterban en waar behoefte aan is.’